
Controle lijkt veilig.
Een manier om
houvast te vinden
in wat we niet begrijpen,
om de toekomst alvast
te verzachten met plannen,
of om de pijn van het verleden
te voorkomen.
Maar hoe harder we proberen
vast te houden,
hoe minder ruimte er
overblijft om te ademen.
Het leven beweegt niet
volgens onze lijnen.
Het golft,
buigt,
breekt open,
en herstelt.
En telkens wanneer ik probeer
de golven stil te leggen,
vergeet ik dat ik zelf water ben.
Loslaten van controle is
geen opgeven –
het is vertrouwen dat ik
gedragen word,
ook wanneer ik het niet weet.
Het is toelaten dat dingen
zich ontvouwen
in hun eigen ritme,
niet het mijne.
In die overgave
vind ik geen zekerheid,
maar rust.