
Soms zijn het geen grote gebeurtenissen
die blijven hangen.
Maar kleine dingen,
die je niet zoekt
en toch precies op je pad liggen.
In de kringwinkel vond ik
een eenvoudig theelichthoudertje.
Aards.
Zacht.
Niets bijzonders –
en net daarom zo juist.
Een dag later,
op het perron,
voelde ik iets onder mijn voet.
Een klein steentje,
hartvormig.
Alsof het leven even tikte:
hier ben ik.
Ik nam ze mee naar huis.
Niet om ze te bewaren,
maar om te erkennen wat ze
vertegenwoordigen.
Dat er schoonheid zit in
het onopvallende.
Dat zorg soms komt
in miniatuurvorm.
Dat je niet moet zoeken
om gevonden te worden.
Kleine schatten.
Meer is het niet.
En meer hoeft het niet te zijn.