Tussen zichtbaar en onzichtbaar

Soms is het niet het buiten zijn
dat vermoeiend is.

Maar het nergens echt kunnen zijn.

Niet helemaal zichtbaar.
Maar ook niet helemaal onzichtbaar.

Overdag verplaats ik Luz.
Niet omdat ik dat wil,
maar omdat het moet.

Er zijn regels.
Plekken waar je niet mag blijven.
Grenzen die niet altijd zichtbaar zijn,
maar wel voelbaar.

Dus beweeg ik.

Van plek naar plek.
Van ergens
naar nergens echt.

In de stad ben ik zichtbaar.
Tussen mensen.
Tussen beweging.

Maar ook daar
ben ik niet echt.

Niet iemand die blijft.
Niet iemand met een plek.

Gewoon …
iemand die passeert.

Vroeger,
op dagen zoals deze,
bleef ik binnen.

De deur dicht.
De wereld even op afstand.

Een plek
waar ik niets hoefde uit te leggen.
Waar ik gewoon kon zijn.

Nu is dat anders.

Nu is er altijd
een stukje alertheid.

Waar kan ik staan?
Hoe lang kan ik blijven?
Val ik op?

Niet luid.
Niet dramatisch.

Maar stil aanwezig.

En dat …
dat maakt moe.

Niet het leven zelf.
Maar het voortdurend afstemmen
op een wereld
waarin er niet altijd
een plek voor mij is.

En toch
blijf ik gaan.

Tussen zichtbaar en onzichtbaar.
Tussen ergens en nergens.

Op zoek naar iets
wat misschien heel eenvoudig is:

een plek
waar ik gewoon mag zijn.

Een gedachte over “Tussen zichtbaar en onzichtbaar

  1. Ik heb op de vind ik leuk knop gedrukt omdat er geen andere is maar eigenlijk ben ik gewoon droevig. Je weet als je een rustige plek wil voor effe waar je u niet moet verplaatsen steeds welkom Annelies.

    Like

Plaats een reactie