
Het regent en waait hier ondertussen
al drie dagen bijna onophoudelijk.
In Luz kruipt de kou overal tussen.
In mijn vingers.
Mijn voeten.
Mijn dekens.
Soms vraag ik me af
waarom ik vrijwillig in een klein busje aan zee zit
terwijl de wind eraan trekt alsof het me wil meenemen.
En toch …
maakt de zee veel goed.
Wat het weer ook brengt.
Wanneer ik hier wandel,
voel ik mijn hoofd stiller worden.
De rust keert terug.
Mijn kater verdwijnt langzaam.
En ergens tussen de golven,
de wind en de grijze lucht,
voel ik:
dit is mijn natuurlijke habitat.