
Anderhalve week
sta ik hier nu.
Luz,
mijn kleine huis op wielen,
staat stil.
En ik ook.
Normaal gesproken vind ik
het juist fijn om rond te trekken.
Niet alleen omdat ik graag
nieuwe plekken ontdek,
maar ook omdat het
bij mijn leven hoort.
Met mijn referentieadres
voor mobiel wonen
kan ik niet eindeloos
op één plek blijven.
Dus ergens in mij
klinkt voortdurend dat stemmetje:
je moet weer verder.
Maar mijn lichaam denkt
daar anders over.
Sinds mijn hersenschudding
is het tempo uit mijn hoofd
niet meer hetzelfde
als het tempo van mijn lichaam.
Mijn hoofd wil soms
alweer bewegen.
Een andere plek.
Een andere uitzicht.
Verder.
Mijn lichaam zegt:
neen.
En dat is niet altijd
gemakkelijk.
Sommige dagen
kan ik het aanvaarden.
Dan kijk ik naar buiten
en denk ik:
misschien hoef ik vandaag
nergens heen.
Andere dagen
frustreert het me.
Dan voelt ditzelfde uitzicht
als een herinnering aan alles
wat ik niet kan.
Aan het bewegen
dat ik gewend ben.
Aan de vrijheid
die voor mij zo
vanzelfsprekend is geworden.
En toch is er eigenlijk
maar één ding te doen.
Luisteren.
Niet naar wat ik denk
dat ik zou moeten kunnen.
Niet naar wat mijn hoofd
vindt dat er nu alweer
moet gebeuren.
Niet naar de regels,
de planning,
of het volgende punt op de kaart.
Maar naar mijn lichaam.
Het is misschien wel
één van de moeilijkste dingen
die ik aan het leren ben:
dat rust niet hetzelfde is
als stilstaan.
En dat stilstaan niet betekent
dat ik achteruitga.
Soms is stilstaan
precies wat er nodig is
om weer verder te kunnen.
Dus voorlopig is dit
mijn uitzicht.
Dezelfde bomen.
Hetzelfde droge gras.
Dezelfde Luz.
En ik probeer mezelf eraan
te herinneren dat
ik nergens naartoe hoef
om onderweg te zijn.
Misschien is dat ook
een stukje van mijn weg.
Vandaag gaat het tempo
van mijn lichaam voor.
En morgen zien we wel.
Wat ben ik blij u weer te horen Annelies. Van harte beterschap gewenst.
LikeLike